Ambulante Onderwijskundige Begeleiding

1 februari 2008

 

Ambulante Onderwijskundige Begeleiding

Algemene informatie

 

 

Inleiding

De onderwijsinstellingen verzorgen een aantal taken op het terrein van het onderwijs aan leerlingen met een visuele beperking in Nederland.
Wij willen u algemene informatie verschaffen betreffende één aspect van dienstverlening, namelijk de ambulante onderwijskundige begeleiding.
Na een korte beschrijving van de onderwijsmogelijkheden in haar totaliteit belichten wij de uitgangspunten en de doelen van de ambulante onderwijskundige begeleiding.
Aan de hand van de beschrijving van de taken van de ambulant begeleider en het aangeven van de frequentie van begeleiding kunt u zich vervolgens een beeld vormen van wat u van ons mag verwachten.
Ook is van belang, dat u op de hoogte bent van de toelatingsprocedure die gevolgd wordt voordat de begeleiding van start gaat.
Het spreekt vanzelf dat de onderwijsinstellingen borg staan voor kwaliteit. Eén belangrijk onderdeel van de begeleidingsactiviteiten willen wij uitdrukkelijk
noemen, namelijk het cursusaanbod.
Tevens vermelden wij enkele faciliteitenregelingen, waarmee de reguliere scholen hun voordeel kunnen doen.

Naar snelmenu

De onderwijsinstellingen

Voor ieder kind of jongere (van 4 – ca 20 jaar) met een visuele beperking bieden de onderwijsinstellingen de mogelijkheid van onderwijs op haar eigen speciale scholen of ambulante onderwijskundige begeleiding in het reguliere onderwijs.

Mogelijkheden:

  • speciaal basis – en voortgezet onderwijs voor die leerlingen die tijdelijk of voor een langere periode aangewezen zijn op speciaal onderwijs;

  • ambulante onderwijskundige begeleiding van leerlingen met een visuele beperking in alle vormen van regulier onderwijs en in diverse vormen van speciaal onderwijs.

  • speciaal onderwijs aan meervoudig gehandicapte kinderen, bij wie de visuele beperking vaak gepaard gaat met niet alleen een verstandelijke maar ook een motorische beperking;

  • ambulante onderwijskundige begeleiding aan meervoudig gehandicapte kinderen op ZMLK – en Tyltylscholen.

Naar snelmenu

Uitgangspunten en doelen van de ambulante onderwijskundige begeleiding

Ruim 70% van de leerlingen met een visuele beperking in Nederland krijgt ambulante onderwijskundige begeleiding. Deze leerlingen wonen thuis en gaan naar een gewone school in eigen stad of dorp.
Dit is mogelijk met ondersteuning van gespecialiseerde leerkrachten. Deze ambulante leerkrachten bezoeken de scholen, de leerlingen en hun ouders en geven onderwijskundige en pedagogische informatie en adviezen.
Om de begeleiding efficiënt en liefst zo dicht mogelijk bij huis te laten plaats vinden zijn er regionale AOB-teams geformeerd.
Mocht begeleiding nodig zijn bij zaken die niet het onderwijs betreffen (zoals mobiliteitstraining, zelfstandigheidstraining en training in sociale vaardigheid), dan kunnen de instellingen ook daarin voorzien.
De uitgangspunten bij het werk van de ambulant onderwijskundig begeleider zijn de volgende:

  • de leerling is in de eerste plaats een leerling van de school waar hij het onderwijs volgt;

  • de ambulante onderwijskundige begeleiding moet gezien worden als systeembegeleiding;

  • de ambulant onderwijskundig begeleider is de deskundige adviseur in de specifieke situaties die ontstaan door de consequenties van de visuele beperking voor inhoud en organisatie van het onderwijsleerproces;

  • de ambulant onderwijskundig begeleider helpt in dat kader de kinderen, jeugdigen en de mensen die direct betrokken zijn bij dat onderwijsleerproces, om zelf hierin hun weg te vinden;

  • de begeleiding van de leerling met een visuele beperking is een planmatige ondersteuning op zijn weg naar zelfstandig functioneren als een geëmancipeerde en ge√Øntegreerde (jong) volwassene. In die zin is de ambulante begeleiding van tijdelijke aard.

Gezien het bovenstaande zijn de doelen van de ambulante onderwijskundige begeleiding als volgt te formuleren:

  • de ambulant onderwijskundig begeleider levert vanuit zijn eigen deskundigheid een bijdrage aan de emancipatie en intergratie van de leerling met een visuele beperking;

  • zijn werk is direct gericht op het optimaliseren van het onderwijsleerproces en de onderwijsleeromgeving van de betreffende leerling.

Naar snelmenu

Taken van de ambulant onderwijskundig begeleider

Bij de start van de begeleiding en verder aan het begin van elk schooljaar stelt de ambulant begeleider in overleg met de school, ouders en leerling (afhankelijk van zijn leeftijd) een begeleidingsplan op, dat de basis vormt van het realiseren van de doelstellingen gedurende dat schooljaar. Dit plan kan van jaar tot jaar aanmerkelijk verschillen, waardoor ook de frequentie van de begeleiding (zie paragraaf 5) per jaar kan wisselen.

In het begeleidingsplan wordt een aantal werkgebieden onderscheiden zoals:

  • het visueel functioneren en gebruik van optische hulpmiddelen;

  • het didactisch functioneren en gebruik van aangepaste hulpmiddelen;

  • het sociaal-emotioneel functioneren;

  • de deelname aan cursussen;

  • oriëntatie en mobiliteit.

Op al deze gebieden heeft de ambulante begeleider een informatieve, instructieve, consultatieve en stimulerende taak, altijd in samenwerking met de ouders/opvoeders en leerkrachten van reguliere scholen.

Naar snelmenu

Frequentie van begeleiding

Het vertrekpunt van de ambulante onderwijskundige begeleiding wordt gemarkeerd door het advies van de commissie van onderzoek. Hieruit worden de activiteiten voor de begeleiding afgeleid.
Aard, omvang en frequentie van de begeleiding worden bepaald door:

  • de aard en de mate van de visuele beperking en de invloed ervan op het onderwijsleerproces;

  • de mate van zelfstandigheid;

  • de sociaal-emotionele balans;

  • de onderwijssector.

Naar snelmenu

Toelatingsprocedure

Op een verzoek om begeleiding, volgt steeds een maatschappelijk, oogheelkundig, psychologisch en onderwijskundig onderzoek. Standaard in deze procedure is ook, dat relevante gegevens opgevraagd worden bij de school, waaraan de betreffende leerling onderwijs volgt. Voorafgaand aan of tijdens het toelatingsonderzoek worden zonodig aanvullende onderzoeken gedaan, zoals een visueel functieonderzoek of een visueel perceptieonderzoek.
Op basis van deze onderzoeken wordt een advies uitgebracht aan de ouders. Als dit advies ambulante onderwijskundige begeleiding inhoudt en de ouders nemen het advies over, dan gaat de begeleiding zo spoedig mogelijk van start.
Ook kan tijdens de begeleiding het advies gegeven worden één of meer aanvullende onderzoeken te laten doen in verband met de aanschaf en het gebruik van geavanceerde apparatuur (bijvoorbeeld een computer).

Naar snelmenu

Faciliteiten reguliere scholen

Zowel in het reguliere basisonderwijs als in het reguliere voortgezet onderwijs bestaat er voor het geven van onderwijs aan leerlingen met een visuele beperking een aparte faciliteitenregeling. Zo kan men in aanmerking komen voor extra formatie en financiën.
Jaarlijks wordt in "Uitleg OC en W – Gele Katern" de faciliteitenregeling voor basis – en voortgezet onderwijs gepubliceerd.

Naar snelmenu

Cursusaanbod

In het dagelijkse werk worden de ambulante onderwijskundige begeleiders geconfronteerd met de meest uiteenlopende vragen. De ervaring leert dat een aantal vragen van leerkrachten, ouders en leerlingen te bundelen is. Vaak is er behoefte aan gerichte informatie per doelgroep. Daarnaast willen vele ouders, leerkrachten en leerlingen met elkaar in contact komen en over hun ervaringen praten.
De cursuscentra van de instellingen organiseren elk jaar een groot aantal cursussen. Jaarlijks verschijnt er een brochure met het cursusaanbod van het nieuwe schooljaar. Door het invullen van een inschrijfformulier kan men zich voor één of meer cursusdagen aanmelden.

Naar snelmenu

Zoek