Zoeken
Regeling computervoorziening via het UWV
Algemeen
Computervoorzieningen kunnen als hulpmiddelen die noodzakelijk zijn voor het verblijf en het volgen van het onderwijs op school en voor het voorbereiden en uitwerken van lessen, werkstukken e.d. buiten school (doorgaans bij betrokkene thuis) worden vergoed als voorziening. Een veel voorkomend hulpmiddel is een computer al dan niet met randapparatuur en aanpassingen.
Een computervoorziening kan uitsluitend worden toegekend:
- als voorziening voor het schrijven c.q. om pen en papier te vervangen.
- vanaf groep 3 van het basisonderwijs en hoger.
- aan blinde, slechtziende, motorisch- en cognitief gehandicapte leerlingen. Bij de overige handicaps is geen computervoorziening toegestaan. In die gevallen biedt een computer geen oplossing of maakt deze onderdeel uit van een behandeling of therapie.
Nb.
- Computervoorzieningen zijn ook mogelijk in de werksituatie. In die situatie is de vergoeding veelal beperkt tot het aanpassen van de computers van de werkgever, en er geldt dan geen versterkingsregime naar handicap. De computer zelf is in de regel! in deze situaties een algemeen gebruikelijk voorziening.
- De verstrekking van computers met aanpassingen voor gebruik in de leefsituatie is ondergebracht in de Regeling Zorgverzekering d.d. 1-9-2006 nr. Z/VV-2611957 van het ministerie van VWS). Hierin is vermeld dat computers, in de thuissituatie, uitsluitend kunnen worden verstrekt aan motorisch gehandicapten voor wie de computer (nagenoeg) het enig hulpmiddel is dat adequate communicatie mogelijk maakt. Dit hulpmiddel mogen zij dan ook gebruiken voor omgevingsbediening (gordijnen, licht etc.). Daarnaast kan aan de doofblinden ook een computer in de thuissituatie worden verstrekt. Deze kan dan ook dienst doen als teksttelefoon. Voort is het wel mogelijk aan visueel gehandicapten een brailleleesregel of apparatuur voor synthetische spraak te verstrekken.
Het verstrekkingenbeleid voor computers
Voor verstrekking van computers gelden uiteraard de algemene criteria voor alle voorzieningen (ziekte of gebrek, niet algemeen gebruikelijk, niet behoren tot andere beleidsterreinen als onderwijs, gezondheidszorg etc.).
Als gezegd wordt een computervoorziening alleen toegekend indien de aanvrager niet in staat is op de gebruikelijke wijze met pen en papier te communiceren.
Indien een computer als onderwijsleermiddel om leerstof aan te bieden en kennis en vaardigheden te oefenen wordt gebruikt, is dit de verantwoordelijkheid van de school. De school moet de leerboeken en overige onderwijsleermiddelen die op school gebruikt worden ook beschikbaar stellen om thuis mee te oefenen. Indien thuis schoolse vaardigheden moeten worden geoefend met een computer, moet de school voor zowel de software als de hardware zorgen.
Ook het gebruik van computers als ICT (Informatie- en Communicatie Technologie) is geen UWV-verantwoordelijkheid. Onderwijsinstellingen ontvangen hiervoor apart geld. Hbo- en wo-studenten hebben via hun onderwijsinstituut veelal gratis beschikking over de benodigde software en een emailadres om informatie uit te wisselen.
Scripties en werkstukken worden (doorgaans) niet meer handgeschreven ingeleverd. De onderwijsinstellingen gaan ervan uit dat men thuis zelf een computer heeft of de computerfaciliteiten van de opleiding gebruikt. Bij veel opleidingen is het verplicht een computer te hebben of krijgen de studenten de mogelijkheid via een bank tegen gereduceerde prijzen een computer aan te schaffen. Voor scripties etc. als zodanig wordt vanuit WIA geen computer verstrekt.
De beoordeling welke computer goedkoop en adequaat is geschiedt door de arbeidsdeskundige.
Bruikleenverstrekking
Indien de kosten van de computervoorziening meer bedragen dan normbedrag I 11 wordt deze in bruikleen verstrekt. UWV blijft dan eigenaar van de voorziening. Beneden dat bedrag blijft onze cliënt eigenaar van de voorziening.
Voordeel voor de cliënt is dat voor voorzieningen die in bruikleen zijn verstrekt UWV een vergoeding verleent voor de reparatiekosten. Indien van toepassing kunnen in deze situatie ook eventuele verzekeringskosten voor vergoeding in aanmerking komen.
Bij verstrekking in bruikleen dient de werknemer een door UWV opgesteld bruikleencontract te ondertekenen.
Doelgroepen
Blinde, slechtziende en motorisch gehandicapte leerlingen kunnen problemen hebben met het werken met pen en papier. De cognitief gehandicapte leerlingen (mits zonder motorische problemen die schrijven belemmeren) in het regulier basisonderwijs vormen een uitzondering op dit beleid. Zij kunnen vanaf groep 3 éénmalig voor een computerconfiguratie in aanmerking komen, ook als het niet gaat om het vervangen van pen en papier.
Het ministerie van OCW stelt voor cognitief gehandicapte leerlingen vanaf groep 3 extra formatie en geld beschikbaar. De school ontvangt van de Centrale Financiën Instellingen (CFI) een beschikking waarin worden vermeld de toekenning, de handicap van de leerling en de financiële tegemoetkoming. Ook vermeldt deze hoeveel Formatie rekeneenheden (Fre’s) de school voor de leerling krijgt, n.l. 19 t/m groep 2 (onderbouw) en 39 vanaf groep 3 (bovenbouw). Uit het aantal Fre’s blijkt dus of de leerling in groep 3 of hoger zit of niet.
Ook op scholen voor speciaal basisonderwijs (sbo) volgen soms cognitief gehandicapte leerlingen onderwijs. In de bekostigingssystematiek en de inrichting van dit onderwijs is rekening gehouden met hun specifieke hulpvraag op onderwijsgebied. Aangezien het sbo onder regulier onderwijs valt is UWV echter wel bevoegd hen zonodig WIA-onderwijsvoorzieningen te verstrekken.
NB.
Dyslexie wordt niet aangemerkt als cognitieve handicap. Dyslexie valt onder de categorie overige handicaps. Het ministerie van OCW. kent de school voor dyslectische leerlingen geen 39 Fre’s toe. Gezien de afbakening met het ministerie van OCW kan UWV aan leerlingen van het speciaal onderwijs (wec) alleen voor het maken van huiswerk computers verstrekken. Maar niet al deze leerlingen hoeven huiswerk te maken. Er is doorgaans geen sprake van huiswerk bij de volgende typen WEC-scholen:
- voor lichamelijk en geestelijk gehandicapte kinderen (tyltylscholen)
- voor dove en slechthorende en daarbij geestelijk gehandicapte kinderen
- voor visueel gehandicapte en daarbij geestelijk gehandicapte kinderen
- voor zeer moeilijk lerende kinderen (zmlk)
Deze scholen laten hun leerlingen wel thuis oefenen met software (leerprogramma’s) en vragen hiervoor soms computers met als onderbouwing dat er sprake zou zijn van het maken van huiswerk. Deze scholen dienen in die situatie echter niet alleen de software, maar ook de hardware beschikbaar te stellen om thuis mee te oefenen. Afwijzing van de voorziening is dan aan de orde,
Beoordeling
Om te beoordelen of een computervoorziening voor het onderwijs aan de orde is en of arbeidskundig onderzoek plaats moet vinden, moet minstens één van de volgende vragen positief worden beantwoord:
- 1. is de leerling blind?
- 2. is de leerling slechtziend en zijn er problemen met schrijven?
- 3. is de leerling motorisch gehandicapt en zijn er problemen met schrijven?
- 4. is de leerling cognitief gehandicapt en zit de leerling op het Basis Onderwijs en heeft de school voor deze leerling een extra toekenning van 39 Fre formatie (beslissing CFI)?
- 5. Is de leerling cognitief gehandicapt en zit de leerling op het Speciaal Basis
Onderwijs?
Indien een leerling meerdere of een meervoudige handicap heeft, wordt van geval tot geval bezien welk regime de beste oplossing biedt. Leidend voor de keuze van de computervoorziening is dat deze een oplossing moet bieden voor het schrijfprobleem van de leerling. Indien b.v. een leerling met het syndroom van Down zowel een motorische als een cognitieve handicap heeft, moet bezien worden welke oplossing het meest is aangewezen in de concrete situatie.
Computerconfiguraties en aanpassingen
Computerconfiguratie
Een computerconfiguratie bestaat uit hardware en software. De hardware bestaat uit een computer (inclusief cd-romspeler, monitor, toetsenbord en muis) en printer. De computer kan in de vorm van een laptop of een desktop worden verstrekt. Een modem wordt beschouwd als standaard onderdeel van een computervoorziening. De gebruikskosten worden niet vergoed. De software bestaat uit het besturingssysteem, virusscanner en een tekstverwerkingsprogramma. Deze standaard hard- en
software noemen we de basisapparatuur. Hiervoor vergoeden wij maximaal normbedrag G 22-I. Om te bepalen welke computer goedkoop en adequaat is wordt de aanvraag voorgelegd aan de arbeidsdeskundige vóórdat de voorziening wordt aangeschaft.
Indien het verzekeringsbedrijf van onze cliënt verlangt dat de computer apart verzekerd moet worden vergoeden wij hiervoor maximaal normbedrag G 22-II.
Afhankelijk van het type onderwijs kan (een deel van) de computerconfiguratie inherent aan het onderwijs zijn. Daarom moet worden bezien, welke onderdelen van de computerconfiguratie algemeen gebruikelijk zijn voor het verrichten van de taak.
In de onderwijssituatie gaat de voorkeur uit naar meeneembare apparatuur. De gebruiker kan dan op diverse plaatsen op school en bij het maken van huiswerk met dezelfde apparatuur werken. In het onderwijs vinden immers steeds schriftelijke overhoringen, tentamens en examens plaats.
Aanpassingen
Blinden
Wanneer een blinde leerling een (portable) computer gebruikt zijn aanpassingen nodig omdat de informatie op het beeldscherm niet toegankelijk is. Als aanpassingen zijn mogelijk:
- een braílleleesregel met bijbehorende software
- een scanner.
Slechtzienden
Slechtzienden ondervinden problemen bij het lezen van informatie op een standaard monitor. Om lezen toch mogelijk te maken zijn aanpassingen nodig zoals:
- tekstvergrotingssoftware
- een grote monitor
- een scanner.
Motorisch gehandicapten
De motorische vaardigheden/mogelijkheden van deze groep lopen zeer uiteen. Voor het bedienen van de computer is vaak een toetsenbordaanpassing nodig. Er bestaan diverse toetsenbordaanpassingen. Het kan ook nodig zijn monitor, printer en meubilair aan te passen. Dit betreft vooral om het positioneren van de apparatuur. Indien de gebruiker in een rolstoel zit, moet men hiermee bij het aanpassen rekening houden.
Cognitief gehandicapten
Voor cognitief gehandicapten zijn geen aanpassingen nodig. Alleen een computerconfiguratie is aan de orde.
Bij een computervoorziening kan een opleiding nodig zijn om te leren werken met computer, aanpassing, software etc. Deze kan worden vergoed en is al naar gelang de ervaring van de gebruiker meer of minder uitgebreid. Ook kan bij gewijzigde gebruiksomstandigheden bijscholing nodig zijn.
Leerlingen van het wec-onderwijs hebben op school al geleerd met computer, aanpassingen en tekstverwerker om te gaan. Bij schoolbezoek kan men inzicht krijgen in de vaardigheid in het werken met de gevraagde voorziening om thuis huiswerk te maken. Het is niet nodig na te gaan of de aanvrager altijd een computer met aanpassingen ter beschikking heeft. Het vaardig kunnen werken met computer en aanpassingen laat al zien dat sprake is van een geoefend gebruiker. Een opleiding is dan niet nodig.
|
Technische apparatuur (maximaal) |
|||
|
aanschafprijzen inclusief BTW
|
|
||
|
G21 |
Daisyspeler |
€ 475,= |
|
|
G22-I |
PC-configuratie (exclusief aanpassingen), één maal per drie jaar |
€1.415,= |
|
|
G22-II |
eenmalige bijdrage verzekering PC-configuratie voor drie jaar |
€ 200,= |
|



